Foto: Renske Vrolijk

Zingende standbeelden in ‘Oedipus Rex’

In de themareeks Mens & Mythe gaf het Concertgebouworkest een semi-geënsceneerde uitvoering van Stravinsky’s ‘Oedipus Rex’. Op de bok de trefzeker debuterende Fin Santtu-Matias Rouvali.

 

Mens & Mythe heet de themareeks waarin het Concertgebouworkest (KCO) deze maand de klassieke mythologie uitpluist. Eerder kwamen Prometheus en Alkestis al aan bod, vrijdag was het de beurt aan Oedipus. U weet wel, de Thebaanse koningszoon die zonder het te weten zijn vader vermoordde en de echtelijke lakens deelde met zijn moeder.

Op het programma Stravinsky, wiens Oedipus Rex vaak in een adem wordt genoemd met harde gesteenten als marmer en graniet. De componist zelf was er debet aan: voor zijn neoklassieke opera-oratorium zocht hij naar een „monumentale”, „versteende” taal. Vrij van sentiment, zeg maar. Het libretto van Jean Cocteau (vrij naar Sophocles) liet hij in het Latijn vertalen.

In de semi-geënsceneerde uitvoering van afgelopen vrijdag klonken de archaïsche woorden zonder boventiteling, wat de beoogde afstandelijkheid nog vergrootte. Acteur Pierre Bokma trad aan als verteller, en hield in korte Nederlandse monologen zicht op de verhaallijn – verteltrant: acht uur journaal. Al even doelbewust emotieloos was de mise-en-espace van Gijs de Lange. Koud, blauw licht. Gemaskerde, roerloze zangers.

Foto: Renske Vrolijk

Stravinsky zelf sprak van „zingende standbeelden”. Hij hieuw er een partituur bij die in alles onverzettelijkheid uitdraagt: eerder tempelfries dan historisch tafereel in olieverf. De debuterende Fin Santtu-Matias Rouvali (1985) loodste het Concertgebouworkest en de heren van het Lets Staatskoor trefzeker door de in koper en knoestig hout gevatte klankblokken. Imposant: de verpletterende tutti-klank van koor en orkest.

In de sterk bezette zangerscast maakte de Amerikaanse bulderbariton Christian Van Horn indruk in de dubbelrol van Kreon en ‘bode’. Naarmate het drama zich ontvouwde, mengde de uitstekende tenor Lance Ryan (Oedipus) steeds meer gevoel door zijn noten: een gefluisterde zucht, een scherp randje in de hoogte. Geïsoleerde kleurelementen in een zwart-witverhaal.

Voor de pauze klonk de langverwachte wereldpremière van Ariadne (2019), zwanenzang van de in oktober overleden componist Theo Verbey. Verbey gold als een van ’s-lands beste orkestratoren en verpakt in Ariadne subtiele instrumentaties in een smetteloze orkestklank. Vakmanschap van de hoogste orde. Maar voor een mythe over bloedoffers en een monsterlijke half-stier misschien wat al te gepolijst.

****

Verdi, Verbey, Stravinsky
Concertgebouworkest en Lets Staatskoor o.l.v. Santtu-Matias Rouvali
Gehoord: 31/1, Concertgebouw, Amsterdam

NRC Handelsblad 02-02-20

 

Zingende standbeelden in ‘Oedipus Rex’